Ordening adviesvak met behulp van
logica
De logica van lef, discipline
en communicatie vraagt om uitwerking naar de praktijk. De vertaling naar mijn
visie op het adviesvak beschrijf ik aan de hand van de peilers, de thema's,
van deze logica:
Per thema kom ik tot een
ordening van de visies en modellen van andere onderzoekers/adviseurs. De
logica van lef dient daarbij als kapstok en als hulpmiddel om mijn standpunt
te bepalen.
Wereldbeelden en systeemdenken
Elk levend systeem wil zich
ontwikkelen, maar elk systeem kent ook een limiet in zijn sturingscapaciteit.
Het sociaal constructivisme geeft niet aan waardoor de grenzen van die logica
bepaald worden. Volgens het sociaal constructivisme komen onze
werkelijkheidsbeelden tot stand zonder een aan de mens voorafgaande orde die maatgevend kan
zijn. Er is geen criterium buiten de inhoud om, om te bepalen wat waar is, wat
kwaliteit heeft. In mijn ogen getuigt het van een grenzeloze arrogantie om te
beweren dat er geen werkelijkheid buiten de mens bestaat. Ik deel de mening
dat de waarneming nooit waardevrij is, maar gezien de beperkingen van het
menselijk denkvermogen past dit juist goed in het systeemdenken. Geen enkel
systeem kan haar eigen grenzen kennen, tenzij door een "hoger",
buiten liggend systeem. Het ligt dus voor de hand dat de mensheid onderdeel is
van een groter geheel, dat (nog) niet door ons gedacht kan worden. Waarom zou
dat systeem dan geen invloed hebben?
DAVID BOHM noemt dit grotere
systeem de generatieve orde, waar alles in alles is "ingevouwen". De
generatieve (impliciete) orde ontvouwt zich continu in wat wij als de
zichtbare wereld ervaren (de expliciete orde). De mensen nemen deel aan dit
ontvouwen. Deze filosofie sluit aan bij veel Oosterse filosofieën, waar het
onmeetbare als primaire werkelijkheid wordt beschouwd: de hele structuur en
orde van vormen die zich aan waarneming en rede presenteren is een soort
sluier, die de echte werkelijkheid bedekt en waarover niets kan worden gezegd
of gedacht, maar die zich uit in gevoel.
Het postmodernisme laat geen
ruimte voor spiritualiteit. Met de erkenning van inspiratie van buitenaf zou
er immers weer een universele waarheid binnen sluipen. RORTY zegt: "Radicals
want sublimity, but liberals want beauty". De ironie staat centraal, om
te voorkomen dat iets of iemand gelijk kan krijgen. FRISSEN legt dit uit naar: politiek en bestuur kunnen of willen in de postmoderne informatiesamenleving
de grote verhalen van het goede, het rechtvaardige niet meer vertellen. Het
grootste probleem dat ik hiermee heb is dat hij hiervoor de onbedoelde
gevolgen van het modernisme als argument gebruikt, maar het niet heeft over de
onbedoelde gevolgen van het postmodernisme. Hij voldoet daarmee niet aan de
kwaliteitseis dat de grenzen aan een opvatting worden aangegeven. Ik zie als
onbedoelde gevolgen: stuurloosheid en depressiviteit. Het komt op mij over als:
het leven heeft geen zin, laten we er dus maar iets moois van maken
voor onszelf. Ik kies zelf toch voor sublimiteit, waar schoonheid een
belangrijke plaats in heeft.

De figuur laat
zien hoe beelden over werkelijkheid, kennis en wetenschap zich in de loop van
de eeuwen hebben ontwikkeld
In de loop van de eeuwen heeft
in de filosofie een verschuiving plaatsgevonden van alles is onzeker, daarom
zijn er mythen en verhalen nodig (premodernisme) naar alles is zeker, want in
natuurwetten vastgelegd (modernisme), naar alles is onzeker want de
werkelijkheid bestaat alleen in hoofden van mensen (postmodernisme, sociaal
constructivisme).
In het modernisme zijn er mensen die gelijk hebben. In het
postmodernisme heeft niemand gelijk. Ik pleit voor het reflexivisme:
vanuit het meervoudig kijken zijn er zekerheden in het natuurlijk systeem en
onzekerheden in het sociaal systeem. De integratie/afstemming daarvan vindt
plaats in de reflectie, in de communicatie. Bij de vraag of iemand gelijk
heeft is niet de eerste vraag wiens gelijk, zoal WIERDSMA (2001) stelt, maar
gelijk waarvoor, in welk systeem. In het natuurlijk systeem is handelen wel
voorspelbaar, in het sociaal systeem niet. Er zit dus een risico in het
toepassen van logica uit het ene systeem op het andere. Je moet expliciteren
voor welk systeem iets geldt.
vervolg
logica en adviesvak
terug naar boven
|